Discriminatie is het ongelijk behandelen van mensen op basis van kenmerken die er helemaal niet toe doen, zoals
afkomst, huidskleur, sekse, geloof, seksuele voorkeur of handicap. Deze kenmerken zeggen immers niets over de
capaciteiten van mensen.
Als iemand als koerier geen baan krijgt omdat hij of zij geen rijbewijs
heeft, is dat volkomen terecht.
Maar als iemand niet wordt aangenomen omdat hij of zij zwart, vrouw,
moslim of homo is, dan is er sprake van discriminatie. Vaak spelen
vooroordelen hierbij een rol.
Bij discriminatie gaat het niet alleen om gedachten en ideeën (zoals bij vooroordelen), maar om gedrag en
uitlatingen in de omgang met anderen.
Wie gediscrimineerd is weet hoe pijnlijk het kan zijn om afgewezen te worden op één kenmerk, zonder dat er
gekeken wordt naar wie je bent en wat je doet of kunt.
Mensen die worden gediscrimineerd voelen zich gekwetst en in de hoek gezet.
Discriminatie kan diep ingrijpen in het leven van mensen en hen hun gevoel van waardigheid ontnemen.
Discriminatie vergroot spanningen tussen (groepen) mensen en ontwricht daarmee de samenleving.
Zo kan discriminatie bijvoorbeeld de saamhorigheid in een buurt verminderen of de verhoudingen tussen
mensen verslechteren.
Op het werk kan discriminatie leiden tot slechte prestaties, ziekteverzuim en uitval van personeel.
Er zijn verschillende kenmerken (gronden) waarop mensen gediscrimineerd worden. De meest voorkomende zijn:
- huidskleur of afkomst
- geslacht (man/vrouw)
- seksuele gerichtheid (homoseksueel/heteroseksueel)
- leeftijd
- godsdienst
- handicap
Discriminatie kan verschillende vormen hebben. Pesten, schelden, opmerkingen of grappen maken kan
discriminerend zijn. Maar ook bijvoorbeeld racistische graffiti kan beledigend of kwetsend zijn.
Mensen kunnen ook worden uitgesloten van goederen of diensten vanwege kenmerken die er niet toe doen.
Je wordt in een winkel bijvoorbeeld anders behandeld dan andere klanten, of men zegt 'deze regel geldt helaas
niet voor u'.
Een andere vorm is mensen de toegang weigeren ('u mag hier niet naar binnen'), terwijl anderen
wel worden toegelaten. Een nog ernstiger vorm is bedreiging of zelfs het gebruik van geweld.
Het komt bijvoorbeeld voor dat iemand bespuugd, geschopt of in elkaar geslagen wordt vanwege zijn
uiterlijk, geloof, seksuele voorkeur of huidskleur.
Discriminatie kan voorkomen op alle maatschappelijke terreinen. Bijvoorbeeld op het werk, in de buurt of wijk, in de dienstverlening, in de horeca, bij huisvesting, in media en reclame, in het onderwijs, bij politie en justitie, bij sport en recreatie of in de privé sfeer.